{"image" : "https://www.zantboer.nl/workspace/images/18_rev_01-1434979153.jpg", "title" : "", "thumb" : "", "url" : "" }

Het UBO-register weer een stap dichterbij: wetsvoorstel implementatiewet gepubliceerd

In 2016 informeerden wij u over de Europese richtlijn die entiteiten verplicht om gegevens van hun uiteindelijk belanghebbenden, ook wel ultimate beneficial owners (UBO’s) geheten, centraal te registreren. Op 31 maart 2017 is het wetsvoorstel voor de implementatiewet ter consultatie gepubliceerd, waarmee het UBO-register weer een stap dichterbij komt. In dit wetsvoorstel wordt de verplichting tot het houden van een centraal register met informatie over UBO’s vormgegeven voor de Nederlandse situatie. Hieronder gaan wij in op de bijzonderheden van het (consultatie)wetsvoorstel.

Vooralsnog aansluiting bij het 25%-belang

Onder UBO wordt verstaan de natuurlijke persoon die voor meer dan 25% de uiteindelijke eigenaar is van, of zeggenschap heeft over, een onderneming of rechtspersoon.

In juli 2016 heeft de Europese Commissie een wijzigingsvoorstel ingediend waarin wordt voorgesteld om de 25%-grens te verlagen naar 10% voor bepaalde passieve entiteiten. Hierbij kan onder meer gedacht worden aan persoonlijke holdingvennootschappen. In het wetsvoorstel is hier echter nog geen rekening mee gehouden.

Registratieplichtige vennootschappen en entiteiten

Het wetsvoorstel stelt voor om ondernemingen en rechtspersonen die nu al in het handelsregister zijn opgenomen UBO-informatie te registreren. Hierbij wordt een uitzondering gehanteerd voor onder andere eenmanszaken, publiekrechtelijke rechtspersonen en verenigingen van eigenaren. De reden voor de uitzondering is het lage risico op witwassen of het financieren van terrorisme bij dergelijke rechtsvormen.

Het voorgaande betekent dat in ieder geval de volgende rechtspersonen en ondernemingen worden verplicht tot het registreren van UBO-informatie:

  • besloten vennootschappen
  • naamloze vennootschappen
  • stichtingen
  • verenigingen met volledige rechtsbevoegdheid
  • rederijen
  • maatschappen
  • vennootschappen onder firma
  • commanditaire vennootschappen
  • coöperaties
  • onderlinge waarborgmaatschappijen
  • Europees economische samenwerkingsverbanden
  • Europese naamloze vennootschappen (SEs)
  • Europese coöperatieve vennootschappen (SCEs)

Ook Algemeen Nut Beogende Instellingen (ANBI’s) gaan in beginsel onder het UBO-register vallen. Er wordt nog onderzocht of van fondsen voor gemene rekening UBO-gegevens moeten worden geregistreerd.

Beheer van het register en informatieverzameling

Het beheer van het register zal worden uitgevoerd door de Kamer van Koophandel. De volgende gegevens worden over UBO’s geregistreerd:

  • geboortedag, -plaats en - land;
  • adres;
  • burgerservicenummer (BSN) of buitenlands fiscaal identificatienummer;
  • afschrift van documentatie waarvan de identiteit van de UBO is geverifieerd; en
  • afschrift van documentatie waarmee wordt onderbouwd waarom een persoon de status van UBO heeft en waarmee de aard en omvang van dat belang wordt aangetoond.

Niet alle geregistreerde gegevens worden openbaar toegankelijk. De openbare gegevens beperken zich tot de naam, geboortemaand, geboortejaar, nationaliteit, woonplaats en aard en omvang van het door de UBO gehouden belang. Van dit laatste wordt een indicatie gegeven in bandbreedtes van 25%, 50%, 75% en 100%. Van de vermelding van geldbedragen is geen sprake.

De dagelijkse leiding van de rechtspersoon of onderneming is belast met de verzameling van de UBO-gegevens. Na inwerkingtreding van de implementatiewet krijgen zij 18 maanden de tijd om de UBO-informatie aan te leveren. Ook wordt voorgesteld een terugmeldingsplicht op te leggen aan Wwft-instellingen (bijvoorbeeld banken, advocaten, notarissen, accountants en belastingadviseurs). Dit houdt in dat zij bij twijfel over de juistheid van UBO-gegevens een melding moeten doen aan de Kamer van Koophandel.

Registratieplichtigen die hun plicht naast zich neer leggen om de UBO-gegevens aan te leveren en deze accuraat en actueel te houden, handelen in strijd met de Handelsregisterwet 2007 en plegen daarmee een economisch delict. Het Bureau Economische Handhaving, onderdeel van de Belastingdienst, is belast met de opsporing van deze delicten en zal waar nodig het Openbaar Ministerie inschakelen voor vervolging.

Gevolgen voor de privacy van UBO’s

Aangezien het UBO-register deels een openbaar karakter heeft, is in het wetsvoorstel de mogelijkheid opgenomen om een verzoek te doen tot afscherming van UBO-informatie. Dit verzoek moet worden gericht aan de Kamer van Koophandel en in het verzoek moet de UBO aannemelijk maken dat de hij/zij risico’s loopt als gevolg van de publicatie van de gegevens. Het wetsvoorstel voorziet slechts in een beperkt aantal situaties waarop de UBO zich kan beroepen. Het gaat daarbij om blootstelling aan een risico op fraude, ontvoering, chantage, geweld of intimidatie. Ook voorziet het wetsvoorstel in afscherming in gevallen van minderjarigheid of handelingsonbekwaamheid.

Tegen het besluit van de Kamer van Koophandel op een verzoek tot afscherming van de UBO-informatie, staat bezwaar en beroep open op grond van het bestuursrecht. De UBO-gegevens worden niet openbaar gemaakt gedurende de periode die nodig is om de UBO in staat te stellen een verzoek in te dienen en voor de Kamer van Koophandel om daarover te besluiten. Ook tijdens de bezwaar- en beroepsfase blijft de UBO-informatie afgeschermd. Afscherming heeft echter geen effect voor bevoegde autoriteiten en de Financiële Inlichtingen Eenheid. Deze instanties krijgen te allen tijde toegang tot de volledige set van UBO-gegevens.

Tot slot

Het UBO-register beoogt te voorkomen dat wederrechtelijk verkregen vermogen wordt verhuld of terrorisme wordt gefinancierd. De daarvoor gekozen weg is die van transparantie van juridische structuren. Dat daarmee echter ook privacygevoelige informatie van burgers beschikbaar wordt, is een al dan niet gewild effect van een regeling die als sleepnet fungeert.

Vanaf de inwerkingtreding van de implementatiewet krijgen registratieplichtigen 18 maanden de tijd om de UBO-informatie aan te leveren. Op basis van de Europese richtlijn moet de wetgeving uiterlijk 26 juni 2017 in werking treden.

Vanzelfsprekend houden wij u op de hoogte van verdere ontwikkelingen.

Heeft u vragen, bijvoorbeeld over de gevolgen voor uw situatie, neemt u dan gerust contact op met Christan Zantboer via mail c.zantboer@zantboer.nl of Wouter Verstijnen via mail w.verstijnen@zantboer.nl.


Gelieerd aan:

Lid van:

Contact

Zantboer & Partners B.V.
Postbus 8560
3009 AN Rotterdam

Bezoekadres:
Hoofdweg 54
3067 GH Rotterdam

Tel.: +31 (0)10 - 421 20 40
Fax: +31 (0)10 - 421 03 50

E-mail: info@zantboer.nl

KvK: 24369370
BTW: NL813954629B01